Een evenement zoals gisteren, de traditionele Prinsjesdag met alle pracht en praal die daar bij hoort, doet onwillekeurig je gedachten gaan over onze constitutionele monarchie. Waar ik in de jaren negentig nog republikein was – voorstander van het Franse model met een direct gekozen president – ben ik daar de laatste jaren wat milder over gaan denken. Tijd om de balans op te maken.

Het is moeilijk om in een paar woorden aan te geven waarom ik milder sta tegenover de constitutionele monarchie dan vroeger, waarbij de oude ergernissen over elitair gedrag van de Oranjes of slaafs gedrag van sommige  royalty reporters overigens nog recht overeind staan. Wat heb ik me bijvoorbeeld altijd geërgerd aan de royalty reportages van Maartje van Weegen!

opa-willie
Mijn opa met kon. Wilhelmina, 1937

Het kan zijn dat ik met het klimmen der jaren in dit opzicht wat milder ben geworden. Kan ook zijn dat mijn opa en oma als fervente Oranjeklanten – ondanks het opgeven van het voorzitterschap van het Oranje-Comité door mijn opa in 1965 omdat hij zich niet kon vinden in “oorlogsduitser” Claus als huwelijkskandidaat – mij verlaat beïnvloed hebben omdat ik mij de laatste jaren meer verdiept heb in hun leven, met name de periode van de jaren dertig.

En ja, zo’n patriottisch koningschap als we toen hadden, voor volk en vaderland, dat had toch wel wat.

Ik ben er nu meer dan vroeger doordrongen van dat de constitutionele monarchie met al haar gebreken dit uiterst verdeelde volk – zowel religieus als politiek – altijd verenigd heeft en zo kon functioneren als stabiliteitsanker door de eeuwen heen. Dat betekent niet dat het eeuwig zo zou moeten blijven, maar het is toch een overweging waard.

Bovendien heeft onze monarchie een historische traditie die anders is dan in veel andere landen. Waar de meeste vorstenhuizen voortkomen uit dynastieën van ooit absolute vorsten, heeft het Huis van Oranje een heel andere oorsprong, met hun rol van Stadhouders ten tijde van de Republiek der Nederlanden. Daarbij stonden zij vaak aan de kant van het volk, of het volk stond aan de kant van Oranje, in periodes van verzet tegen de regentenklasse die het land bestierde.

Pas na 1815 kwam er een volwaardig koningschap in Nederland, door de Europese mogendheden uitgedokterd om een dam op te werpen tegen  eventuele nieuwe Franse expansiepogingen. Men had zijn bekomst van Napoleon, die geprobeerd had een Europees imperium te vestigen.

Wat ook opgemerkt moet worden is dat het Huis van Oranje door de eeuwen heen een rol heeft gespeeld in het beschermen van minderheden, een traditie die terug gaat op Willem van Oranje en zijn voor die tijd zeker bijzondere ideeën over religieuze tolerantie. Ook de Joodse gemeenschap in Nederland voor de oorlog was over het algemeen zeer Oranjegezind.

Mijn grootvader werkte in de jaren dertig nauw samen in het Oranje-Comité (en ook in het Algemeen Nederlands Verbond) met de Joodse Amsterdammer Max Goldenberg, die in 1945 omkwam in een concentratiekamp. Toen mijn opa in 1965 terugtrad als voorzitter van het Oranje-Comité deed hij dat naar eigen zeggen mede uit postume loyaliteit aan Max Goldenberg. Ik heb daarover verteld in mijn blog Max en Jan.

Max was voor de oorlog voorzitter van de Joodse Jongerenbond, Jan (mijn opa) voorzitter van de Oranje Jeugdbond. Samen konden ze heel wat troepen mobiliseren bij Oranje-gerelateerde feesten en bijeenkomsten in het Amsterdam van voor de oorlog en ze deden dat graag en veelvuldig.

Ik vond laatst een verslag van zo’n redevoering van Max Goldenberg in de late jaren dertig, waarin hij uitgebreid ingaat op de historische band tussen Oranje en Israel:

max

Jaren negentig: felle discussie over de rol van Wilhelmina
Tot lang na de oorlog bleef dit beeld overeind van het Huis van Oranje als beschermer van minderheden en was men vervuld van trots over de rol van koningin Wilhelmina als iemand die aan de goede kant stond in de strijd tegen Hitler en het nazisme. Pas in de jaren negentig begon dit beeld te kantelen mede als gevolg van een boek van Nanda van der Zee getiteld Om erger te voorkomen.

In dit boek wees Van der Zee de vlucht van Wilhelmina aan als hoofdoorzaak van het hoge percentage slachtoffers onder de Joodse Nederlanders tijdens WO2 (ca. 75 tot 80%) terwijl dit in de ons omringende landen veel lager was.

Hierover zei Nanda  van der Zee zelf:

Mijn centrale stelling is dan ook dat niet het Nederlandse volk als geheel, maar de Nederlandse elites medeschuldig zijn. De Nederlandse medeschuld bestaat uit de volstrekte coöperatie van het ambtelijk apparaat bij de registratie, isolatie en deportatie van de joodse medeburgers naar Westerbork. Dit werd in de hand gewerkt door de instelling hier van een civiel gezag onder Seyss-Inquart. Dat civiel gezag is hier gekomen door de vlucht van Wilhelmina, wier vertrek naar Londen ongrondwettig was en in feite neerkwam op hoogverraad.

Als gevolg hiervan brak er in Nederland een felle Historikerstreit uit tussen voor- en tegenstanders van koningin Wilhelmina.

Ik vind dit een enorm moeilijk en zwaar onderwerp. Zeker is het terecht om kritisch te kijken naar de rol van koningin Wilhelmina, de regering en de elite bij dit onderwerp. Ze hadden méér kunnen en moeten doen voor de Joodse bevolking, daarmee ben ik het eens. Maar of het hele drama nu geweten moet worden aan de vlucht van Wilhelmina naar Londen en het als gevolg daarvan instellen door de Duitsers van een civiel gezag in Nederland, vraag ik me in gemoede af. Er waren tal van strategische overwegingen voor koningin Wilhelmina en de regering om uit te wijken naar Londen.

In 2011 verscheen een uitgebreide (1048 pagina’s) wetenschappelijke publicatie over het onderwerp van het hoge percentage slachtoffers van de Holocaust in Nederland door de historici Griffioen en Zeller. Zij wezen op andere oorzaken voor het hoge percentage Joodse slachtoffers in Nederland ten opzichte van onze buurlanden.

Wrang genoeg is het volgens Zeller en Griffioen juist die ene heldhaftige daad van verzet geweest – de Februaristaking in 1941 – die fatale gevolgen had. Want als gevolg daarvan besloten de Nazi’s tot een slimme, stiekeme manier van deporteren en tot een ongelimiteerde volmacht van de Duitse politie in Nederland.

Volgens Griffioen en Zeller was het deze ongelimiteerde volmacht en heimelijke werkwijze die, naast een aantal andere factoren, de situatie in ons land anders maakte dan in de ons omringende landen. De deportatie van de Joodse bevolking werd na de Februaristaking aangestuurd vanuit Duitsland zelf, niet door het civiel gezag in Nederland ook al was dit een Duits civiel gezag door het vertrek van Wilhelmina.

Het is een, lijkt mij, moeilijk te beantwoorden vraag hoe anders dit was geweest als koningin Wilhelmina in Nederland was gebleven tijdens WO2. En mocht het antwoord toch luiden dat het anders was geweest, dan is de vraag ook of we redelijkerwijs van koningin Wilhelmina mochten verwachten dat zij deze situatie kon voorzien. Hoe het ook zij, over koningin Wilhelmina en haar rol tijdens WO2 alsmede die van de Nederlandse elites en delen van het overheidsapparaat, zijn we nog steeds niet uitgesproken. Een loodzwaar onderwerp waarbij het lastig is een goede balans te vinden.

De moderne monarchie
Na Wilhelmina kwam in 1948 het koningschap van Juliana die meer een idealistisch type was, maar een in Nederland altijd erg populaire vorstin door haar imago als “gewone vrouw” en haar warme persoonlijkheid.

intocht-1953-koningin
Mijn opa als Sint in de jaren 50 met kon. Juliana

Beatrix had een meer afstandelijke stijl en was ook meer internationaal ingesteld dan haar voorgangster Juliana en zeker meer dan de nationaal georiënteerde Wilhelmina. Tenslotte was het koningin Beatrix die eind 1991 in Maastricht met een brede lach de regeringsleiders ontving die tot het Verdrag van Maastricht hadden besloten (EU en euro) een verdrag dat begin 1992 geratificeerd werd.

bea-maastricht

 

 

 

 

 

 

 

 

Willem-Alexander: terug naar een patriottisch koningschap?
Sinds 2013 hebben we dan koning Willem-Alexander. Te vroeg om een oordeel te vellen. Iets dat mij en mij niet alleen opvalt, is dat Willem-Alexander in zijn toespraken meer patriottische elementen vlecht dan zijn moeder. Zelfs de immer kritische Joost Niemöller is dat opgevallen: bij de laatste Kersttoespraak van Willem-Alexander maakte Joost zich druk over de media, die de patriottische toespraak van onze koning verdraaiden.  

maxwimZo kom ik met een lange omweg terug op dat patriottische koningschap van voor de oorlog, dat mijn grootouders zo begeesterde. Mijn grootvader zat van 1927 tot 1965 in het Amsterdamse Oranje-Comité, voor de oorlog nog met zijn vriend Max Goldenberg.

Zoals ik er nu naar kijk heb ik niets tegen een constitutionele monarchie, zolang de overgrote meerderheid van de Nederlanders dat wil, maar die constitutionele monarchie moet er dan wel zijn voor ons – het Nederlandse volk –  en niet voor de globalistische elite.

Een kritiekpunt dat ik deel met velen zijn de nogal buitensporige vergoedingen voor de leden van het Koninklijk Huis, zeker als je dat vergelijkt met vroeger. Zo ging het salaris van Willem-Alexander vorig jaar nog 43.000 euro omhoog  en bedraagt nu bijna negen ton. In een tijd dat veel mensen het moeilijk hebben, de middenklasse verarmt en de rijken steeds rijker worden is dat niet het goede voorbeeld. We zijn denk ik toe aan een “gewoner” koningschap, in de stijl van Juliana.

juliana
Kon. Juliana op de fiets

Voor- en tegenstanders van de constitutionele monarchie zul je altijd hebben. Zelf ben ik van tegenstander veranderd in een relatieve voorstander, met een aantal mitsen en maren zoals hierboven besproken.

Gisteren opende Willem-Alexander de troonrede met de fraaie volzin:  Nederland heeft de laatste jaren weer vaste grond onder de voeten gekregen.

Er is dus werk aan de winkel voor Geert Wilders mocht hij volgend jaar premier worden, om voor de troonrede van 2017 een nóg fraaiere openingszin te bedenken.

Ik verheug me op een patriottisch koningschap met een iets bescheidener uitvoering qua stijl en kosten. Zeker zolang de overgrote meerderheid van de Nederlanders erachter staat en de constitutionele monarchie de rol van stabiliteitsanker vervult, vind ik dat we die traditie moeten koesteren.

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Een gedachte over “Overdenkingen bij de constitutionele monarchie

  1. 1. De verhoging van de salarissen is juist begonnen in de tijd van Juliana (die zelf bleek in te teren op haar vermogen omdat de kosten van het koningschap niet uit haar vergoeding betaald kon worden).
    2. Gelukkig ben je teruggekeerd, het is mij onduidelijk waarom je anti-monarchie zou zijn vanwege irritante verslaggeving door Maartje van Wegen.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s