Vanaf het begin heb ik mij kritisch getoond ten opzichte van de zogenaamde arbeidsmarkthervormingen van het kabinet Rutte-Asscher en hun schaduwpremier in  het parlement, Diederik Samsom. Begin 2014 voorspelde ik dat de beloofde versoepeling van het ontslagstelsel een juridisering zou blijken en  dat de nieuwe flexwet WWZ (Wet Werk en Zekerheid) de contractketen alleen maar nóg ingewikkelder en onoverzichtelijker zou maken dan die al was, met bovendien allerlei extra kosten voor werkgevers.

Ook gaf ik in mijn artikelen aan dat de uniek Nederlandse bepaling om werkgevers twee tot drie jaar op te laten draaien voor het salaris van de werknemer bij ziekte en zelfs tot 12 jaar in de vorm van premieverhogingen, – ook voor een werknemer die maar enkele maanden in dienst geweest is – betekent dat de Nederlandse kafkaëske overheidsbureaucratie ad absurdum is doorgedreven.  Vice-premier Lodewijk Asscher, die zelf nog nooit één dag bij een normaal bedrijf heeft gewerkt en die een rokende financiële puinhoop achterliet na zijn wethouderschap in Amsterdam, blijkt niet de juiste man om de arbeidsmarkt vlot te trekken.

Inmiddels blijkt dat ik gelijk had, twee jaar geleden. Ondanks de voor de Nederlandse export (niet voor onze pensioenen!) gunstige  ultra lage rente, lage eurokoers en lage olieprijzen, vertoont de Nederlandse werkgelegenheid slechts een minimaal herstel zoals ook De Nederlandsche Bank onlangs nog aangaf.  En voor zover er herstel is, gaat dit voornamelijk in de vorm van meer flexkrachten.  Onze door hun idée fixe  van een maakbare samenleving geobsedeerde politici, vakbondsbobo’s en werkgeversbobo’s hebben dus een wanprestatie geleverd.

Hoe zou het beter kunnen? Door hervormingen door te voeren die wél hout snijden, die werkgevers vertrouwen geven en waar de overheid in sociaal opzicht bijspringt waar dat nodig is, in plaats van werkgevers voor de voeten te lopen met overbodige wetgeving. Ook dit heb ik eerder al uitgewerkt, o.a. in mijn  artikel Een Beter Plan Voor De Arbeidsmarkt.

Hieronder nog eens mijn zeven punten plan:

  1. Daadwerkelijke versoepeling ontslagrecht, pas desnoods een iets hogere vergoeding toe dan de transitievergoeding, maar maak het eenvoudiger voor werkgevers en werknemers om als volwassen partijen uit elkaar te gaan. Het MKB heeft geen tijd voor meterslange dossiervorming en jarenlange juridische procedures;

  2. Streef gelijke behandeling na van vaste- en flex medewerkers, maar probeer niet met ingewikkelde bureaucratische trucs de keuze tussen vast en flex te beïnvloeden, want dat werkt averechts;

  3. Beperk de financiële aansprakelijkheid voor de werkgever bij ziekte, bijv. door de werknemer zich individueel hiervoor te laten verzekeren. De werkgever kan wel (verplicht) meebetalen aan de premie, maar nasleep en rompslomp voor de werkgever worden dan beperkt;

  4. Verlaag de wig (het verschil tussen het netto loon en de loonkosten van de werkgever), met name aan de onderkant van het loongebouw, zodat het aantrekkelijker wordt voor werkgevers om mensen aan te nemen;

  5. Verlaag de uitkeringen voor mensen onder de dertig jaar (zowel WW als Bijstand uitkeringen),  het is natuurlijk absurd dat onze jongeren voor bepaald type werk de neus ophalen en wij dit laten doen door Oost-Europeanen. Daarentegen zal de overheid de komende drie jaar meer moeten investeren in stimuleringspremies en in opleidingen voor het aan de slag krijgen én houden van 45-plussers, ook in flex-vorm. Het grote gevaar is namelijk dat deze generatie te lang buiten het arbeidsproces komt te staan. Over een paar jaar zal dat anders liggen, omdat de arbeidsmarkt weer verkrapt als gevolg van de vergrijzing. Ten koste van alles moet nu voorkomen worden dat een complete generatie wordt afgeschreven;

  6. Flexibilisering van het minimumloon: in bepaalde sectoren (denk aan horeca, toerisme, landbouw, supermarkten e.d.)  kan voor eenvoudige werkzaamheden best een wat lager minimumloon gelden, zodat moeilijk plaatsbare groepen weer een kans krijgen;

  7. Een vlaktaks of eventueel een beperkte vlaktaks tot de grens van 100.000 euro bruto jaarinkomen.

Helaas; in plaats van hun kafkaëske bureaucratische plannen te herzien en aan te passen aan de maatschappelijke en economische werkelijkheid, blijven de bobo’s hopen tegen beter in en vragen om meer tijd, zoals CNV-voorman Limmen deed van de week. Hij riep op de discussies over de WWZ te staken want die zouden de averechtse effecten veroorzaken, niet de wetswijzigingen zelf. Een helaas maar al te bekende omdraaiingstruc die we vaak horen tegenwoordig. De criticasters worden verantwoordelijk gesteld voor het falende beleid; want als er geen kritiek was zou alles opperbest functioneren. Een redenering, de USSR waardig!

Afijn, gelukkig was Martine Gaasbeek, voorzitter a.i. van  de Ondernemerspartij, alert als altijd en prikte op Twitter deze verhalen onmiddellijk door. Ik sluit mij graag daarbij aan!
Martine

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s